DE BOSEIGENAAR VERTELT:

 

 

 

DE BOSEIGENAAR VERTELT:


 

We zijn nog steeds op zoek naar boseigenaars die hun ervaringen willen vertellen!

----------------------------

Bent u op excursie geweest? Heeft u een gouden raad voor andere boseigenaars? Wilt u vertellen wat uw belevingen zijn als boseigenaar? Houdt u een bos-dagboek bij? Heeft u goede ervaringen met de bosgroepen?

Kruip dan in uw pen en zend uw schrijfsel (liefst met foto) naar liescoddens@yahoo.com.

De teksten worden zo snel mogelijk op deze pagina geplaatst.

 

 

Exoten-bestrijding en het temperen van de wilddruk: de holistische aanpak!

Een boseigenaar vertelt...

Op het bosgroepforum was de naam JOGO al uitgegroeid tot de garantie voor zeer eigenzinnige maar bruikbare visies op bepaalde bosbouwkundig kwesties. Maar de persoon achter de naam bleef een mysterie. Was het iemand uit de rangen van het Agentschap? Was het een beheerder van Natuurpunt? Was het een privé-bosbeheerder? Het was in elk geval iemand die wist waarover hij sprak. JOGO staat voor Johan Goris, en hij werkte tot voor kort als technisch tekenaar en is pas sinds kort lid van de bosgroep. Maar Johan heeft als vrijwilliger al jaren een bijzondere missie in de groene sfeer: hij is een ecologisch schatbewaarder van het zuiverste water. Sus Willems ging hem interviewen!

Johan: Tien jaar geleden ben ik in deze dennenbossen begonnen met het terugdringen van Amerikaanse vogelkers en Amerikaanse eik. De bossen zijn eigendom van de provincie Limburg. Een deel wordt beheerd door de parkwachters van Bokrijk, en het reservaat het Wik is in beheer van Natuurpunt. Ik heb op 10 jaar tijd ongeveer 100 ha bos vrij gemaakt van deze exoten.

Waar haalde je de expertise om de Amerikaanse vogelkers doelgericht aan te pakken?

Johan: Ik begon er gewoon aan. Elke stap die ik deed evalueerde ik, en indien nodig stuurde ik bij. Op die manier heb ik een eigen methode ontwikkeld. Voor mezelf stelde ik enkele krachtlijnen op: ik wilde het gebruik van herbiciden en machines tot het strikt noodzakelijke beperken, en ik zou maximaal gebruik maken van ecologische processen.

Het valt op dat in de behandelde bossen veel jonge Winterlinden voorkomen.

Johan: Ik heb inderdaad een zwak voor Winterlinde, en de linden die we tegenkomen heb ik geplant. Zoals je ziet doen ze het bijzonder goed op deze arme standplaats. Maar ik breng niet alleen Winterlinde in. Ook Hazelaar, Veldesdoorn, Wilde appel, Wintereik, Kleinbladige olm en boskers heb ik ingebracht. Dit zijn soorten die in de regio wel voorkomen maar toch zeldzaam zijn. Ik zorg nu dat deze soorten een plaatsje krijgen in het bos, zodat ze zich op eigen kracht kunnen ontwikkelen. Tamme kastanje is momenteel niet zo talrijk aanwezig, maar deze is aan een opmars bezig. Die heeft geen extra hulp nodig.

Ik probeer door mijn tussenkomst vooral rust te brengen in het bos. Sommige terreinen waar nu bos aanwezig is, waren honderd jaar geleden nog heide. Op deze heide werden dennenplantages aangelegd. Na omlopen van 35 jaar werden de plantages kaalgekapt, werd het strooisel verwijderd, werd ontstronkt en dan terug opgeplant. Daarna kwam de invasie van Amerikaanse vogelkers. Die evoluties gingen op de tijdschaal van een bos razendsnel. Ik probeer nu rust te creëren, door rustig aan te werken. Geen massale, grootschalige ingrepen, maar gewoon ik met mijn handzaag, mijn schop en mijn potje Glyfosaat. (Foto's: Struiken dikker dan 3 cm diameter, worden afgezaagd en het zaagvlak wordt aangestreken met Glyfosaat.)

Zo creëer ik rust in het bos. Mijn exotenaanpak is heel subtiel, maar dat wil wel zeggen dat het jarenlang moet volgehouden worden. De bossen krijgen nu de kans om oud te worden, zodat de interne ecologische bosdynamieken volop kunnen spelen. Door de Amerikaanse vogelkers en de Amerikaanse eik weg te halen, vergroot ik de ruimte voor interne, ecologische processen. En om deze processen maximaal te laten spelen, zijn alle bossoorten nodig. Daarom heb ik de ontbrekende ingebracht. Als ze zich later niet op eigen kracht kunnen handhaven dan is dat maar zo. Maar ze hebben door mijn tussenkomst tenminste de kans gekregen.

Je inspanning is uitgesmeerd over jaren. Dit wil niet alleen zeggen dat er een visie achter zit, maar ook dat ze jarenlang moet volgehouden worden. Heb je geen schrik dat beheerders na jou er een andere visie op zullen nahouden?

Johan: Ik streef naar een situatie, dat indien het beheer wegvalt, het bos dan verder zijn plan moet kunnen trekken. Om dat te bereiken, heb ik een exotenstrategie die stoelt op 3 pijlers. Om te beginnen moeten in het te behandelen bos en de directe omgeving alle zaadbronnen van probleemsoorten verwijderd worden. Als dat gebeurd is wordt de ongewenste vegetatie aangepakt. Tot hiertoe niets nieuws zal je zeggen. Maar ik voeg dan nog een heel belangrijke stap toe. Als de hinderlijke vegetatie opgeruimd is, moet geïnvesteerd worden in 'de weerstand' van het bos. Bij klassieke exotenbestrijding maakte men bijvoorbeeld een bepaald bos vrij van Amerikaanse vogelkers. En wat creëerde men? Een nieuwe, ideale niche voor Amerikaanse vogelkers of andere invasieve exoten.

Men vergat de ecologische deur van het bos dicht te trekken. In mijn systeem trek ik dus ook de deur dicht zodat de kans op vestiging van nieuwe pestsoorten minimaal wordt. Ik gebruik hierbij maximaal natuurlijke processen. De spontane vegetatie die zich ontwikkelt na de verwijdering van de Amerikaanse vogelkers is de basis, maar ik vul dat aan met de soorten die ik eerder vermelde. Op die manier wordt de bosstructuur versterkt, waardoor het bos minder gevoelig wordt voor verstoringen. Dit kan niet alleen de vestiging zijn van nieuwe exoten, maar ook stormen, ziekten, brand, insectenaantastingen of sneeuwbreuk. De geschiedenis leert inderdaad dat de visie over bosbeheer regelmatig verandert. Dus als de beheerders na mij hun aandacht verslapt, of er worden later fundamenteel andere accenten in het beheer gelegd, kan het bos op eigen ecologische dynamiek zoveel mogelijk zijn plan trekken. Geef de interne bosontwikkeling maximale vrijheid, zowel in de ruimte als in de tijd, en je krijgt een zo stabiel mogelijke situatie.

Maar die spontane ontwikkeling, het dichttrekken van de ecologische deur, als er zaadbronnen in de omgeving aanwezig zijn komt dat toch vanzelf. Daar hoef je toch geen ingrepen voor te doen?

Johan: O jawel. In deze regio is de reedruk een heel bepalende factor bij spontane bosontwikkeling. Toen ik het eerste bos aanpakte, stortten de aanwezige reeën zich op de spontane verjonging en de aanplant. Dat perceel heb ik zelfs met stroomdraad moeten afrasteren. Zulke ingrepen zijn nu absoluut niet meer nodig. Maar ik stuur de reedruk nog altijd. Ik doe dat door zoveel voedsel voor reeën te creëren dat ze het allemaal niet op krijgen. Een belangrijke soort om reedruk op te vangen is de Amerikaanse eik. Reeën zijn verzot op jonge scheuten van deze eik. Ik zorg dat er altijd verspreid over de bossen voldoende aanbod is. Anderzijds zijn bramen belangrijk. Deze zijn niet alleen een voedselbron voor reeën, ze beschermen met hun dichte vegetatie ook jonge boompjes. Op dit moment is de reedruk op een aanvaardbaar niveau, maar de eerste jaren was die zo hoog dat 'het dichttrekken van de deur' niet vanzelf gebeurde. De reepopulatie hield de deur open. En reeën lusten geen Amerikaanse vogelkers, zodat elke nieuwe Amerikaanse vogelkers systematisch door de reeën vrijgesteld werd. Dus dit was een gevaarlijke situatie.

Je geeft een exoot, de Amerikaanse eik zo wel een cruciale rol in je systeem.

Johan: De Amerikaanse eik kan tijdelijk nuttig zijn. Om te beginnen kan deze ingezet worden tegen de Amerikaanse vogelkers. Indien je een menging hebt van beiden, en je wilt deze aanpakken, dan kan je best eerst de Amerikaanse vogelkers weghalen en de Amerikaanse eik nog enkele jaren de vrije doorgang geven. Zodoende elimineer je de zaadproductie van de Amerikaanse vogelkers, en bestrijd je vervolgens de prunusvegetatie. Pas als de Amerikaanse vogelkers verwijderd is, pak je de Amerikaanse eik aan. De zwakte van Amerikaanse eik is dat hij geen zaadbank maakt, dat zijn zaden niet sprongsgewijze over grote afstanden verspreid worden, en dat het lang duurt eer de zaadproductie na een kapping weer op gang komt. Dit geeft de beheerder de ruimte om op het juiste moment in te grijpen. Als je Amerikaanse vogelkers kapt, en het nieuwe loof heeft voldoende zon, dan dragen de nieuwe loten na 3 jaar al massaal zaad. Dit probleem stelt zich bij deze eik niet. Dus daarom kan je deze eik veilig inzetten tegen de Amerikaanse vogelkers. Anderzijds kan je hem tijdelijk gebruiken om de reedruk te regelen. Amerikaanse eik is makkelijker te controleren dan Amerikaanse vogelkers.

Je beheerwerken beperken zich niet tot bos. Je verschraalt ook vergraste open plekken met een zeer hoge botanische waarden in het Wik.

Johan: Mijn bijdrage aan het beheer in het Wik heeft als resultaat dat zowel de zonnedauw als de boskers er van profiteren. En hopelijk zoveel mogelijk organismen die zich bevinden in de niches tussen de twee.

En nu een belangrijke vraag; op het forum heb je eens een berichtje gepost waarin je stelt dat de eigen uitwerpselen een goed middel zijn om een aanplant te beschermen tegen wild. Dat was een grap neem ik aan?

Johan: Nee hoor. Dat werkt echt. Het is dikwijls hetzelfde: in de winkel worden tegen betalingen oplossingen aangeboden voor bepaalde problemen, terwijl de oplossing zich soms voor onze neus bevindt. We moeten gewoon even de ongepaste schroom overwinnen. Van de eigen uitwerpselen moet je puur maar een klein puntje op een geplant boompje zetten, en het stammetje is voor een jaar beschermd. Ree en konijn zijn zeer gevoelig aan afwijkende geuren, en op die manier bederf je hun eetlust. Hoe het praktisch in zijn werk gaat, laat ik aan ieders verbeelding en creativiteit zelf over.

Johan Goris is steeds beschikbaar om advies te geven aan de bosgroepen over bepaalde concrete kwesties (bosgroepisten, laat dit aanbod niet onbenut!!!). 'Maar ik ben wel een man van de actie hé', drukte hij me voor de zekerheid op het hart.

Met dank aan Sus Willems voor het interview!


 

<< Terug naar overzicht

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Site powered by