Ecologische bezorgdheid en gezonde koopmansgeest bezorgen historische middelhoutbeheer nieuw elan in het Houtland


(Sus Willems)


In Vlaanderen bevinden er zich nog redelijk gave relicten van historische middelhoutbos. Het typische beheer van deze bossen is sinds enkele tientalle jaren langzaamaan uitgedoofd. Zodoende evolueerden deze bossen vaak spontaan naar gewoon hooghout. Bij deze evolutie verloren deze unieke middelhoutbossen hun typische struktuur, met een ecogische verarming tot gevolg. Een opvallend gegeven is dat in Oost- en West-Vlaanderen opvallend veel tamme kastanje in dit oude middelhout voorkomt. In deze regio zijn Joe en Kim actief. Sinds enkele jaren hebben ze de truuk gevonden om het beheer in deze bijzondere bossen op een rendabele manier terug op te pikken.

Joe Barber: "In Engeland is het beheer van middelhout nooit helemaal gestopt. Daar zijn altijd latten- en palenklievers commercieel actief gebleven. Zelfs traditionele kolenbranders zijn er nu nog. We hebben enkele technieken van hen overgenomen. En met succes."

Kim Reekmans: "Als grondstof gebruiken we vooral tamme kastanje. Dit hout is bovendien voor veel toepassingen veel beter dan zomereik. Kastanje groeit ook sneller, is rechter, en heeft veel minder spint. Net deze tamme kastanje is relatief veel aanwezig in het West-Vlaamse Houtland. Ecologisch moet deze soort trouwens niet onderdoen voor de Zomereik".

Joe: "Wij maken onze bestellingen klaar in het bos. Dit wil zeggen dat we pas gaan vellen en bewerken als we een bestelling hebben. Zo besparen we op opslagruimte. Onze grondstof heeft geen enkele extra verduurzaming nodig. Zelfs ontschorsen is niet nodig. Stammetjes worden geveld en gekloven, en ze worden onmiddellijk opgewerkt tot het eindproduct. Just in time- werken heet dat met een duur woord".

   

De voornaamste bewerking na het inkorten van de stammen is het klieven:

Joe: "Klieven kan zonder dure machines. Bovendien zijn gekloven elementen veel sterker dan gezaagde. Bij het klieven wordt de vorm van het afgewerkt stuk bepaald door de structuur van de stam. Als je hout verzaagt dat niet perfect recht is, dan verliest het aan stevigheid. Klieven heeft dit nadeel niet. Een gekloven stuk behoudt zijn maximale sterkte. Daarom dat wij ook stammetjes gebruiken die niet perfect recht zijn. Dat is bovendien zeer esthetisch".

 

De productie van weipalen was tot voor kort de enige min of meer hoogwaardige toepassing van kastanjehakhout. Sinds kort wordt het echter ook gebruikt voor knuppelpaden in natuurgebieden. Voor de rest kende het vrijwel enkel de laagwaardigste toepassing: brandhout.

   
10_splijten_palen Splijten van de stammen 15_splijten_palen

Middelhoutbossen bevinden zich vaak op afgesloten landgoederen. De bosgroep Houtland wijst nu de eigenaars van deze landgoederen op de nieuwe beheermogelijkheden. Zo kunnen Kim en Joe ook partijen hakhout kopen die anders onbereikbaar waren. De coördinator van de bosgroep kan de eigenaars ook tips geven over het beheer.

Jan Goris (coördinator bosgroep Houtland): "Door het uitblijven van beheer zijn deze bossen spontaan ontwikkeld tot hooghout. Hakhout werd soms nog wel gekapt, maar men liet te veel overstaanders staan. Deze gaven dan te veel schaduw, zodat het hakhout na het afzetten onvoldoende terug opschoot".

 
Hans Compernolle (bestuurder bosgroep Houtland): "Dit licht is niet alleen noodzakelijk voor het hakhout, maar ook voor de typische kruidvegetatie. Als het hakhout degradeert, degradeert ook deze kruidflora. In een aantal gevallen zullen we de eigenaar adviseren om een deel van het hooghout te verwijderen. Maar deze is vrij om dit advies te volgen natuurlijk."

Omdat deze traditie gedurende tientallen jaren onderbroken is geweest, is een deel van de kennis verloren gegaan. Op rommelmarkten worden vaak nog typische materialen aangeboden die hier vroeger voor gebruikt werden. Zo gebruiken Joe en Kim de 'froe'. Een stevig bijltje dat Joe hier op een rommelmarkt kocht. Dit bijltje heeft de snijdende kant aan de bovenzijde, en het wordt in een kliefschaar of spriet gebruikt om latten te klieven.

 

Joe:"Ik ken dit type bijl uit Engeland. Daar heet het 'froe'. Een Vlaamse naam ken ik niet. Ook gebruiken wij voor sommige technieken Engelse benamingen. Omdat we de Vlaamse naam gewoon niet kennen".

Hans: "De inwoners van de gemeente Sint-Joris-ten-Distel worden nog altijd 'de lattenklievers' genoemd. Er is daar ook nog een 'Lattenklieversstraat'. Dit wijst eveneens op het grote belang dat deze nijverheid vroeger in onze regio had. In het Provinciaal heemmuseum te Bulskampveld zijn veel van deze materialen tentoongesteld".

 

18_aanpunten_palen
Aanpunten van de palen

20_palen_aangepunt
 
 


(Om de volledige fotoshoot te zien, klik op één van bovenstaande foto's!)

 
 

Klik hier om terug te keren naar de website.

Site powered by